Nederland onder de loep

Na 11/9, de moord op Fortuyn en van Gogh heeft Nederland koorts. Zo´n patient gaat dan te rade bij een onafhankelijke deskundige. Iemand die onbevooroordeeld het land eens onder de loep neemt: de buitenlander, met name de buitenlandse journalist, want die zijn immers onafhankelijke en objectief.
Wat verwacht de Nederlander van zo´n oordeel, geruststelling dat het allemaal niet zo erg is, of juist nog meer verontrusting? “U leeft op een vulkaan die u het liefst maar zo snel mogelijk moet verlaten.”

Mai Speijkers van Uitgeverij Bert Bakker kwam op het idee om een boekje samen te stellen met stukken van buitenlandse journalisten en wetenschappers over Nederland, getiteld; Nederland op scherp. Een titel die doet vermoeden dat de veiligheidspal los is en het kanon ieder moment afgeschoten kan worden.
Het boekje werd samengesteld door Groene Amsterdammer journalist Pieter van Os en werd gepast gepresenteerd met een pannel discussie in De Balie, de linkse kerk bij uitstek.

Bij Maarten van Rossem moet je met dergelijke onzin niet aankomen, toch neemt hij graag aan het panel deel om zijn rollende zinnen over het publiek uit te strooien.
Onlangs was hij in de VS om de Amerikanen bij te praten over Nederland. Zij hebben na de moord op van Gogh inmiddels de indruk dat hier miljoenen moslims met hun kromzwaarden klaar staan om op het signaal van Bin Laden iedereen de keel door te snijden, aldus van Rossem. Hij schuift veel van de verantwoordelijkheid van dit beeld naar de Nederlandse media. Zij zwelgen immers in doemscenario´s die nergens op gebaseerd zijn. Van een door zeewater onderlopend land tot verhalen over onleefbaarheid, waarvan de enorme stroom buitenlanders de oorzaak zouden zijn. En dan wordt ook nog eens het misverstand hoog gehouden dat het allemaal moslims zijn die massaal vijf keer per dag naar de moskee gaan en niets doen zonder de goedkeuring van een Imam die rechtstreeks uit de middeleeuwen komt. Niemand vermeldt dat maar 30% van de moslims naar de moskee gaat, aldus van Rossem.

Ook had hij eens onderzoek gedaan naar wat men in het buitenland van het veel geroemde poldermodel vond. Tot zijn verbijstering ontdekte hij dat kranten als de New York Times en The Economist er absoluut niets van begrepen. Bovendien schreven zij aan het einde van de vorige eeuw dat Nederland het best gerunde land van Europa was en daarmee van de wereld en dat er nu ineens niets goed meer is. De economie zou allerbelabbertst zijn, terwijl er in het lange termijn perspectief niets mis is met de economie. Het was te verwachten dat na de hausse tijdens de internet hype, er een recessie zou komen. Ook het kabinet heeft hier een vals beeld geschapen, aldus Maarten van Rossem.

De engelse professor Graham Locke, die hier al vijfentwintig jaar woont, ziet vooral een heel erg narcistisch land. De hele westerse cultuur is weliswaar narcistisch, maar in Nederland gaat dit gepaard met het dwangmatig doorbreken van taboe´s. Men leeft om taboe´s waar te nemen en die vervolgens door te prikken. Op den duur komt men dan in de problemen omdat taboe´s het fundament van de beschaving zijn, zoals het taboe om mensen te doden. Vallen die weg, dan is er ook geen beschaving meer.

De schrijver Said el Haji van het boek De dagen van Sjaitan ziet vooral Nederlanders die telkens hun eigen gelijk halen, hun eigen vooroordeel bevestigd willen zien. In een kroeg bijvoorbeeld komt een enorme Hollander als een blanke Shrek op hem af, die net zo lang blijft vragen of hij als Marokaan bang is tot hij het maar toe geeft en dan zegt: “Zie je wel, ik wist het wel, jij bent bang.”

D66 politica Lousewies van der Laan voelt zich niet zo Nederlands. Zij kwam op haar achtiende pas voor het eerst naar Nederland en schrok toen omdat iedereen zo onaardig was. In Amerika zijn mensen veel beleefder tegen elkaar. Na een tijdje begreep zij dat het niet persoonlijk tegen haar gericht was, maar dat dat de normale manier van doen was.
De Haagse politiek is wat haar betreft ongelofelijk bekrompen. Men is niet bezig met het oplossen van problemen en kijkt niet of nauwelijks over de grenzen, waardoor telkens het wiel weer uit gevonden moet worden. In Den Haag meent men het centrum van de wereld te zijn, maar het is een vissekom en nog een kleine ook. De realiteit is, volgens van der Laan, dat de Kamer niet veel voorstelt en dat de macht eigenlijk in Brussel zit.

Zij maakt zich inmiddels wel ernstige zorgen over het beeld dat in het buitenland over Nederland aan het ontstaan is. Nederland wordt een B – merk, waar je toch niet zo snel investeerd. Daarom is zij naar buiten toe altijd een ambassadrice en waarschuwt zij iedereen en met name ook journalisten dat zij niet teveel moeten klagen over Nederland. Dat wordt in het buitenland niet goed begrepen. Zelf klaagt zij binnenslands inmiddels vrolijk mee.

NRC- Handelsblad correspondent Joris Luyendijk relativeert het belang van de mening van buitenlandse journalisten volledig door in te gaan op de journalistieke praktijk.
Stel er komt het bericht bij een krant binnen dat er tien mensen in Noorwegen van een Fjord donderen. Dan is dat geen nieuws. Als dat tien Marokanen zijn, dan is dat ineens wel nieuws, want het kan in verband staan met discriminatie. De journalist nu gaat naar zijn chef en schetst een verhaal dat in de krant zou moeten. Dit doet hij zo dat zijn chef denkt dat er wel wat in zit en hem naar Noorwegen stuurt. Daar aangekomen kent hij de weg niet, spreekt de taal niet, kan geen borden lezen en kent er ook nog eens niemand. Nu gaat hij af wat hij op de redactie gegoogled heeft en zoekt ter plekke naar feiten die het verhaal zoals hij dat aan de chef vertelde bevestigen kan. Hij onderzoekt niet hoe het in elkaar steekt, maar houdt een spiegel voor over hoe op de redactie van de krant over dat land en voorval al reeds gedacht wordt.
Stel vervolgens dat hij in de New York Times een Noorse Paul Scheffer geciteerd ziet over het voorval dan zoekt hij die op en laat hem nogmaals zeggen wat hij al tegen de New York Times gezegd heeft. Voor de Noorse Paul Scheffer is dat ook weer gunstig, want als hij steeds weer benaderd wordt door prestigieuse buitenlandse kranten, dan is een leerstoel aan Harvard niet ver weg meer, dus scherpt deze zijn quote nog eens aan, ookal omdat hij weet wat ervan hem verwacht wordt, aldus Joris Luyendijk.

Bleef de vraag hangen wat we nu aan een boekje hebben, vol met stukken van buitenlandse journalisten, over een land dat ze nauwelijks kennen?
Het antwoord daarop is alleen in het boekje zelf te vinden en dat ligt nu mooi te pronken in de boekwinkel. Het koortsige publiek zal het snel in de zak steken en vlak voor het slapen gaan de handzame stukjes als tijdstermometer ter bevordering van een goede nachtrust tot zich nemen.

Daan Diederiks

Nederland op Scherp
Buitenlandse beschouwingen over een stuurloos land
Samengesteld door Pieter van Os
Uitgeverij Bert Bakker
isbn 90 351 2799 4 0 

No comments yet.

Leave a Reply