De opkomst van Balkenende

De crisis binnen de Nederlandse politieke elite begon in het voorjaar van 2001 toen binnen de politieke partijen verschillende ambitieuzen zich opmaakten om de zittende politieke leiders te vervangen.

Binnen de PvdA hield premier Kok de regie krachtig in de hand. Hij wilde dat zijn adjudant Melkert hem opvolgde, ondanks de electorale kwetsbaarheid van Melkert door het Europese subsidie schandaal. Vlak na de zomer publiceerde VVD oudgediende en oud-president van de Rekenkamer Henk Koning een rapport waaruit Melkert de conclusie trok dat hij van alle blaam gezuiverd was.

Vervolgens kondigde Kok zijn vertrek uit de politiek aan en stelde Melkert zich kandidaat.

In het CDA rommelde het ook. Velen in het partijbestuur waren niet tevreden met de prestaties van Jaap de Hoop Scheffer als fractievoorzitter en oppositie leider. De fractie bleef De Hoop Scheffer steunen, die hierdoor gesterkt, een uitspraak van het voltallige bestuur wilde. De voorzitter van het dagelijks bestuur Marnix van Rij stapte vervolgens op. Na afloop van een lange vergadering van het voltallige bestuur kondigde De Hoop Scheffer zijn vertrek aan. Men had niet genoeg vertrouwen in hem.

Een dag later verkoos de CDA fractie Jan-Peter Balkenende tot nieuwe fractie-voorzitter en gelijk maar tot lijsttrekker voor de verkiezingen die in mei 2002 gehouden zouden worden.

Zo leken in het najaar van 2001 de PvdA met Melkert, het CDA met Balkenende en de VVD met Dijkstal een voorspelbare verkiezingscampagne te gaan voeren, totdat Pim Fortuyn op het toneel verscheen. Hij verhief het immigratie en integratie beleid onmiddelijk tot het belangrijkste verkiezingsonderwerp en wist daarmee veel steun te verwerven. In de peilingen schoot Leefbaar Nederland, de partij waarvoor hij lijsttrekker was geworden, als een raket omhoog.

De verkiezingscampagne was onder leiding van Fortuyn ongekend fel. De gevestigde partijen kleineerden Fortuyn, wat vooral tot uiting kwam tijdens het late avonddebat na de gemeenteraadsverkiezingen. Vooral Melkert vergalloppeerde zich. Balkenende hield zich erg op de vlakte en zag zelfs enkele raakvlakken met de beweging van Fortuyn. Erg opvallend was Balkenende niet. Hij leek meer een CDA tussenpaus die deze tumultueze verkiezingen uitzat en wachtte op het parlementaire spel na de verkiezingen.

Op 6 mei, een paar dagen voor de verkiezingen, werd Fortuyn vermoord. De woede en verontwaardiging was enorm. De PvdA kwam in een vrije val en verloor de helft van de aanhang. De LPF, inmiddels de eigen lijst van Fortuyn, won zonder partijleider de verkiezingen en kwam met 26 zetels in de kamer. De dode Fortuyn kreeg zelfs twee zetels meer dan de PvdA en één meer dan de VVD. Het CDA van Jan-Peter Balkenende was ineens de grootste partij met 43 zetels.

De Nederlandse kiezer koos voor zekerheid, voor de partij die de hele twintigste eeuwse politiek had gedomineerd en die dominantie alleen tijdens de twee voorafgaande paarse kabinetten was kwijtgeraakt. Men koos niet voor de persoon Balkenende, maar in de mallemolen van politike polarisatie en politieke moord, wilde de kiezer rust, zekerheid en stabiliteit.

Balkenende werd meteen premier. Van onbekend kamerlid was hij binnen een half jaar eerst fractievoorzitter, vervolgens lijsttrekker en na een waanzinnige verkiezing premier.

Als partij ideoloog genoot hij het vertrouwen binnen zijn eigen club. Daarbuiten moest hij zich nog bewijzen. Hij belandde in een vecht kabinet, waar de verse politici van de Lijst Fortuyn elkaar het licht in de ogen niet gunden. In oktober was het voorbij. De spanningen tussen LPF ministers Heinsbroek en Bomhof liepen uiteindelijk zo hoog op dat het kabinet viel. Balkenende stond erbij en keek ernaar. Net zoals de rest van Nederland overigens. Er werden nieuwe verkiezingen uitgeschreven voor eind januari 2003.

Balkenende bleef met zijn CDA nipt de grootste partij. De PvdA kwam met de jonge lijsttrekker Wouter Bos verrassend sterk terug in het politieke centrum. Met 42 zetels werd de PvdA net niet de grootste. Balkenende had er twee meer. Opnieuw kon hij premier worden. Ditmaal kwam er uit de kabinetsformatie de combinatie met VVD en D66. Twee vertrouwde en solide gevestigde partijen. 0 

No comments yet.

Leave a Reply