Fietsen door Westerbork

[Daan Diederiks, EiC]

Amsterdam- Als de moderne mens aan vakantie denkt dan is het eerste dat lijkt op te komen; ‘hoe kan ik zo snel mogelijk zo ver mogelijk reizen om zoveel mogelijk zon te vangen.’ Het is de basis voor de toeristen industrie en leidt tot een run op toeristen- en vrijetijdsscholen.

Hoe kunnen we vermaken en vermaakt worden? Hoe kunnen we de geest van de nieuwe mens zo ontspannen dat de productiviteit straks als de ratrace weer begonnen is zo hoog mogelijk zal zijn?

Rond het fenomeen vakantie is een gigantische industrie onstaan. Haar voornaamste belang is de gedragingen van de homo toeristicus te begrijpen om zo te kunnen sturen en de zakken leeg te kloppen.

Een van de weinige manieren om hieraan te ontsnappen is door bepakt met tent en slaapzak te gaan fietsen of wandelen. Om voor autonomie te kiezen.

Vooral fietsen is heerlijk. De fiets draagt de last van de overlevingsspullen en de snelheid is precies goed. Niet te langzaam om nergens te komen en juist zo snel dat het voorbijtrekkende landschap nog als vanzelf een verhaal vertelt.

Mijn stoere dochter van negen bedacht het plan. Een fietstocht om Nederland te verkennen. Een tocht met tent en slaapzak, een gasje voor de thee en een pan voor een simpel maal na een lange dag.

Het was een grote ontdekkingstocht. Ook voor mij, de zoveel oudere vader. Een randstedeling in wat nog het boeren land lijkt. Het is zo eenvoudig. Op een middag ga je met de trein naar een exotisch oort als Zwolle om er alvast een nacht te kamperen.

De volgende dag kan de tocht beginnen.

Langs de Overijselse Vecht trokken we meanderend door prachtig landschap. Koeien, ponny’s en paarden staarden ons na. Sluisjes, bruggetjes, watertjes en dijken, zeer veel dijken trokken we traag voorbij turend naar het eindeloos laagland. Op de fiets langs traag stromend water voelt den hollander zich pas vrij en ongebonden.

En dan naderen de dorpen en de boerderijen, de prachtige boerderijen en historische hoeven. Ongenaakbaar trotseren zij eenzaam in de polder de voortdurende dreiging van het wassende water. Beschermd door rijen bomen tegen de harde wind die ongenaakbaar vanuit het vlakke land aan kan komen razen. De knotwilgen als eerste verdedigings rij, daarna de populieren en rond het huis de eeuwenoude eiken en beuken. De trots van het hof, die de immense daken bescherming bieden tegen de wind, de niets ontziende, gevreesde en onbeheersbare natuurkracht.

Eenmaal in een dorp als Harderberg aangekomen dan slaat de beklemming toe. De tuinen zijn allen eender bewerkt. Het belangrijkste gereedschap lijkt een nagelschaartje te zijn geweest. Zo nauwkeurig tot op de milimeter is de natuur bedwongen. En bedwongen zal en moet het wilde worden. Dissidente tuinen zijn er niet in dit EO paradijs.

Sommige hollanders komen terug uit Frankrijk na een lommerrijke tijd en lijken het hoogst te scoren met het bekende vakantie cliché over het mooie franse land, “maar jammer dat er Fransen wonen.”

Hetzelfde gevoel bekroop me in Harderberg. Prachtig land hoor Nederland, maar God vergiste zich toen hij er Nederlanders liet wonen.

Maar Nederlanders dachten hier toch anders over. Al tredmolend op de fiets schoot mij ineens te binnen dat na de kristalnacht een protestants parlementslid de regering vooral opriep de grenzen te sluiten om Nederland als Protestantse Natie te beschermen tegen vreemde elementen.

We waren inmiddels op weg van het dorp Westerbork naar het kamp Westerbork. Het kamp ligt zo’n 15 kilometer verder. De weg voert door bossen en heiden, door landerijen en eindeloze akkers. Plotseling verschijnt er in het midden van niets een bord die gebied mobieltjes uit te zetten. Het kan de sterrenwachters storen.

Veel stiller en verlatener kan je het in Nederland niet maken.

Met de opkomst van Hitler kwamen er joodse vluchtelingen naar Nederland. De nederlands joodse gemeenschap scharrelde geld bijelkaar om een opvang kamp te bouwen. De lokatie die het kabinet in gedachten had lag naar de zin van regerend vorstin Wilhelmina te dicht bij haar Veluwse paleis. De door God en iedereen verlaten plek waar nu kamp Westerbork is lag beter. Dat vonden de duitsers ook, en tenslotte de Sterrenwacht. Want op het stilste plekje van Nederland luister je naar de sterren.

De wanhoop is al lang verstorven, alleen het monument maakt het nog navoelbaar.

Fietsen met bepakking, met de weinige echte noodzakelijkheden, zonder duidelijk doel is een vorm van zwerven dat zich ook naar de geest verplaatst. Het fysieke beweegt, staat dan snel weer stil bij een interessante bezienswaardigheid of een verrassend vergezicht. De geest is net zo vrij omdat verdwalen niet mogelijk is als er geen doel is. Alleen het reeële is de grens.

Het denken denkt voort en voort, van het kleine naar het volgende kleine en dan ineens weer iets groots. Het zet zich voort bij het slapen en heet dan dromen. Dromen is denken en denken is dromen. Knus in de tent naast m’n dochter bij vaal nacht licht leef je in een droom, helder wakker in de slaap.

Zo werd ik wakker en had ik deze rubriek “het Vandaagje” uitgevonden. Het zou bestaan als column, als een oefening in schrijven, met een band naar het verleden, in een traditie. Geen flauw idee over wat ik zou schrijven, maar het leek mij van belang mijn dromen te volgen.

DD 0 

No comments yet.

Leave a Reply